Ga naar website navigation Ga naar artikel navigatie Ga naar inhoud

Faculteit der Rechtsgeleerdheid

In 2018 heeft de Faculteit der Rechtsgeleerdheid haar kwaliteitsafspraken opgesteld. Deze zijn door het bestuur, de facultaire studentenraad en de onderdeelcommissie samen ingediend bij het College van Bestuur van de Radboud Universiteit. De NVAO heeft de voorgestelde kwaliteitsafspraken geaccordeerd.

De kwaliteitsafspraken zijn bedoeld om te komen tot een zichtbare verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. Dat was ook het doel van de eveneens in 2018 door de faculteit, na uitgebreide consultatie van studenten, docenten en externe adviesraden vastgestelde nieuwe onderwijsvisie “Meer Meester”. De kwaliteitsafspraken sluiten aan op de facultaire onderwijsvisie en de zeven kernwaarden die daarin geformuleerd zijn en dragen daarmee bij aan de realisatie van die visie. De kernwaarden zijn:

  • We vinden het van primair belang dat de docenten de studenten begeleiden, wijzer maken ten aanzien van het recht en stimuleren om zich te ontwikkelen tot volwaardige juristen met een brede kennis van het Nederlands recht en een goed begrip van het Europese en internationale recht.

  • We achten face-to-face-onderwijs cruciaal voor een optimale overdracht, interactie en uitwisseling

  • We menen dat een moderne en duurzaam inzetbare jurist positiefrechtelijk bekwaam en maatschappelijk bewust is en daardoor een bijdrage kan leveren aan de problemen die spelen in de maatschappij en samenleving.

  • We stellen dat mondelinge en schriftelijke vaardigheden alsmede goed begrip van de rol van ICT in het recht cruciaal zijn voor juristen die in de toekomst zullen worden geconfronteerd met complexe problemen en casusposities, die moeten worden opgelost in een multidisciplinair team of multidisciplinaire setting. We hebben daarom wezenlijke aandacht voor de ontwikkeling van een welomschreven set soft skills, zoals samenwerking, en aan het gebruik van technische hulpmiddelen (met het oog op de eisen die beroep en bedrijf in de toekomst stellen).

  • We dragen uit dat studenten zelf verantwoordelijk zijn voor hun studie en ontwikkeling tot een volwaardig jurist. De faculteit zal dit in elke fase van de studie stimuleren en faciliteren.

  • We vinden dat studenten snel moeten kunnen schakelen naar een niveau van analyseren, creëren en evalueren. De faculteit zal daar het onderwijs op inrichten.

  • We bevorderen dat studenten met enig tempo studeren: nominaal studeren is het uitgangspunt en in elk geval streeft de faculteit ernaar dat de bachelor in maximaal vier jaar en de master in maximaal 1,5 jaar wordt afgerond.

De faculteit heeft vol enthousiasme de implementatie van haar onderwijsvisie en daarmee de uitvoering van de kwaliteitsafspraken ter hand genomen. In het voorjaar 2020 werd natuurlijk ook de faculteit geconfronteerd met de COVID-19-pandemie en haar implicaties voor het onderwijs. Alhoewel deze crisis een groot beroep heeft gedaan op de mentale spankracht van zowel docenten als studenten en de werkdruk voor het personeel ongewenst hoog was, is in deze periode niettemin doorgegaan met de voorgenomen verbetering en innovatie van het onderwijs. Waar mogelijk werden specifieke maatregelen in het kader van de COVID-19-crisis zo genomen dat deze ook bleven bijdragen aan de hogere doelen uit de onderwijsvisie en kwaliteitsafspraken. Dit geldt bijvoorbeeld de invoering van het studenttutoraat (gericht op betere begeleiding en sociale inbedding van studenten).

Deze notitie geeft de stand van zaken weer van de uitvoering van de plannen in de periode 2019-2021 Tevens wordt aangegeven wat de plannen zijn voor de periode 2022-2024.

Inzet van middelen

Oorspronkelijk bestedingsplan

X 1000

      

Bestedingen per thema

Begroting 2019

Begroting 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024*

1. Intensiever en kleinschaliger onderwijs

1.101

1.073

1.063

1.318

1.415

1.411

2. Meer en betere begeleiding studenten

175

175

135

135

135

135

4. Onderwijsdifferentiatie

40

40

40

40

40

40

5. Passende en goede onderwijsfaciliteiten

158

139

197

199

201

205

6. Verdere professionalisering van docenten

300

300

300

300

300

300

Totaal

1.774

1.727

1.735

1.992

2.091

2.091

Bij de inzet van middelen heeft de faculteit prioriteit gegeven aan de inzet op het thema Intensiever en kleinschalig onderwijs, vooral door aanstelling van additionele docenten. Zowel vanuit het oogpunt van personeelsbeleid als vanuit het oogpunt van effectieve inzet van middelen is gekozen om aan het begin van de kwaliteitsafspraken direct meerdere additionele docenten voor een periode van 6 jaar aan te stellen. Op deze wijze hebben de vaksecties additionele capaciteit gekregen. Daarmee heeft de faculteit voor de komende jaren – in lijn met haar ambitieuze onderwijsvisie – kunnen borgen dat studenten meermalen per week kleinschalig en intensief werkgroeponderwijs kunnen volgen bij alle hoofdvakken van de Bacheloropleiding. Bovendien waarborgt deze extra docentcapaciteit dat alle vaksecties meerjarig aan de verbeterdoelen en innovaties in het onderwijs kunnen werken. Deze zesjarige aanstellingen impliceren wel dat vanaf het begin een relatief groot bedrag is vastgelegd voor de volledige duur van de kwaliteitsafspraken. De medezeggenschap is uitdrukkelijk in deze keuze meegenomen. Door de faculteitsbrede inzet overschrijden de hiervoor benodigde middelen de SV-middelen hetgeen door een eigen bijdrage van de faculteit wordt opgevangen. Deze keuze is uiteraard in zorgvuldige samenspraak met de medezeggenschap genomen en geniet de uitdrukkelijke instemming van de medezeggenschap, zowel personeel als studenten.

Realisatie 2019-2021, begroting 2022 en raming 2023-2024

x 1000

      

Bestedingen per thema

Realisatie 2019

Realisatie 2020

Realisatie 2021

Begroting 2022

Raming 2023

Raming 2024*

1. Intensiever en kleinschaliger onderwijs

957

1.154

1.402

1.853

1.861

2.045

2. Meer en betere begeleiding studenten

131

217

331

300

304

307

4. Onderwijsdifferentiatie

9

30

95

105

108

111

5. Passende en goede onderwijsfaciliteiten

197

212

197

218

221

223

6. Verdere professionalisering van docenten

249

213

277

314

307

301

Totaal

1.543

1.826

2.301

2.790

2.801

2.987

Toelichting besteding kwaliteitsafspraken per thema

Voor de realisatie van haar onderwijsvisie, de verbetering van het onderwijs en het realiseren van zo intensief en kleinschalig mogelijk onderwijs is inzet van extra docenten noodzakelijk. De faculteit is daarnaast van mening dat studentbegeleiding een gedeelde verantwoordelijkheid is van de studieadviseurs en de docenten uit de vaksecties. De NSE geeft aan dat onze studenten een hoge waardering hebben voor de betrokkenheid en beschikbaarheid van docenten. De faculteit vindt deze betrokkenheid ook buiten de contacturen wezenlijk voor de vorming van haar studenten. Ook dit vraagt om voldoende docenten om die rol te kunnen blijven vervullen. Tenslotte dragen diezelfde docenten ook bij aan de differentiatie van onderwijs. Uiteindelijk doel is om het onderwijs als geheel op een hoger plan te brengen en daarbij alle vaksecties (en het door hen verzorgde onderwijs) te betrekken. In december 2021 heeft een externe commissie een midterm review voor het onderwijs uitgevoerd. De conclusie van deze commissie was dat de faculteit ondanks COVID-19 een ambitieuze verbeteragenda uitvoert en daarbij goede voortgang boekt. De commissie waarschuwt in dit kader overigens wel voor de werkdruk van de facultaire docenten.

Thema 1: Intensiever en kleinschalig onderwijs

De faculteit heeft in haar in 2018 ingediend plan aangegeven in te zetten op onderwijsintensiteit en -innovatie. De wens om niet met werkgroepen van 32-35 studenten te hoeven werken maar met werkgroepen van ca. 25-27 studenten vraagt bij een instroom van 500-600 eerstejaars (incidenteel 700) om docentinvesteringen voor alle vaksecties die werkgroeponderwijs verzorgen in de bachelorfase. Voor de masterfase wordt door de invoering van nieuwe vakken en zo nodig maximering van de instroom de onderwijsintensiteit verhoogd.

Ook de gewenste onderwijsinnovatie op basis van de onderwijsvisie “Meer Meester” vraagt om investering in additionele docerende staf. Het betreft zowel extra juniordocenten als vaste staf.

Om de implementatie meer bestuurlijke aandacht te kunnen geven is tenslotte op 1 januari 2021 een onderwijsdirecteur aangesteld; tot dan was de onderwijsportefeuille in handen van de vice-decaan onderwijs die hierdoor zelf evenals de staf van zijn eigen vaksectie bovenmatig belast werd.

In de periode 2019-2021 is een aantal vakken aangepast op een dusdanig wijze dat het aansluit op de onderwijsvisie. Dit betreft onder meer:

  • De uitrol van virtuele werkgroepen

  • De ontwikkeling van een zg. Atlas van internationale rechtsstelsels

  • Inzet van Certego bij het meerjarig meestermaken van een groeiend juridisch begrippenkader

  • Inzet van (serie) kennisclips waardoor onderwijs zelf intensiever, interactiever en verdiepender wordt

  • Podcasts over op handen zijnde wetswijzigingen

  • Introductie van “Take home exams”

  • Gedigitaliseerde feedback op essays

  • Formatieve (tussentijdse) toetsen/quizzes (met name in werkgroeponderwijs)

  • Invoering vragenuurtjes

  • Facultatieve tentamencasus met feedback tijdens cursus

  • Digitale simulatie strafrechtproces

  • Het studenttutoraat voor eerstejaars (ouderejaars tutoren begeleiden wekelijks groepjes van 10 eerstejaars, gecoacht door een UHD en een studie-adviseur)

  • Ontwikkeling en invoering The Migration game

  • Invoering peergrade

  • Ontwikkeling Ba-3 keuzevakken tot integratievak (invoering voorzien va. 2022/2023)

  • Intensievering oefenrechtbank Rota Carolina (met intensievere persoonlijke feedback op de mondelinge en schriftelijke bijdrage van de student)

De faculteit heeft gestimuleerd dat vaksecties zelf initiatief nemen bij de onderwijsverbeteringen. Zij hebben het beste zicht op de aanpassingen die bij het specifieke vak passen en docenten hebben verschillende voorkeuren. Daarnaast leidt deze werkwijze tevens tot diversiteit in het onderwijs. Door lunchbijeenkomsten is een eerste aanzet gegeven tot kennisuitwisseling. Door COVID-19 is hieraan minder aandacht besteed kunnen worden dan wenselijk.

In de periode 2019-2020 konden conform plan additionele juniordocenten en wetenschappelijke staf worden aangesteld bij de secties Algemene Rechtswetenschap, Bestuursrecht, Burgerlijk Recht, Staatsrecht, Belastingrecht, Internationaal en Europees Recht, Ondernemingsrecht, Rechtsfilosofie, Rechtsgeschiedenis, Rechtssociologie en Strafrecht.

In aanvulling op de oorspronkelijke begroting zijn in 2021 voor een periode van vier jaar nog eens voor 9 additionele juniordocenten middelen gereserveerd. Dit om de door corona veroorzaakte werkdruk van de zittende tijdelijke en vaste staf te reduceren en toch permanent te blijven inzetten op verbeteringen en innovaties in het onderwijs.

Voor de ontwikkeling van het vak ICT en Recht is binnen de sectie Burgerlijk Recht een UD ICT en Recht aangesteld. Het B3-integratievak AI en recht is ontwikkeld en wordt per 1 september 2022 aangeboden. Inmiddels zijn ook twee nieuwe mastervakken op dit terrein in ontwikkeling: Privacy en gegevensbescherming resp. Digital Dispute Resolution.

Ter ondersteuning van de onderwijscapaciteit van de vaksecties van decaan en vice-decaan onderwijs is extra capaciteit aan de vaksecties van herkomst van deze functionarissen toegevoegd, in eerste instantie conform het ingediende de plan via extra juniordocenten voor de betreffende vaksecties. Vanaf 2021 is de inzet van extra ondersteuning voor de sectie van de vice-decaan onderwijs vervangen door de inzet van een fulltime onderwijsdirecteur (een gepromoveerd jurist op UHD-niveau). Hiermee is een extra impuls gegeven aan de implementatie van de onderwijsvisie en uitvoering van een verbeteragenda.

Acties

Begroot

Gerealiseerd

Aanstelling additionele docenten

3237

3399

Aanstelling onderwijsdirecteur

0

114

Totaal

3237

3513

In 2021 zijn nieuwe, eigentijdse en ambitieuzere eindtermen voor alle opleidingen vastgesteld, na uitgebreide consultatie van interne en externe gremia. De kwaliteitscommissie bereidt thans een advies voor over de toetsing die hierop moet aansluiten.

Tevens wordt de inrichting van de mondelinge en schriftelijke vaardighedenlijnen op basis van de herziene eindtermen geëvalueerd en uitgebouwd.

Thema 2: Meer en betere begeleiding van studenten

In 2019 is in eerste instantie voorzien in de aanstelling van een additionele studieadviseur specifiek voor masterstudenten voor een periode van twee jaar. Deze aanstelling is inmiddels omgezet in een structurele uitbreiding van de formatie. Van masterscriptiestudenten wordt de voortgang gemonitord en zij worden zo nodig actief benaderd over die voortgang en het contact met de scriptiebegeleider. Het voorkomt dat studenten “van de radar verdwijnen” aan het einde van hun opleiding en zo nodig aangespoord kunnen worden deze met succes af te ronden. Hiermee wordt duidelijk voorzien in een behoefte. Studenten voelen zich gewaardeerd en gezien in een fase van de studie die velen toch als eenzaam beschouwen. Vooral studenten die al enige tijd worstelen met de scriptie ervaren het als prettig dat zij een luisterend oor vinden bij iemand die niet over de scriptie oordeelt en die tips kan geven of bv. kan verwijzen naar bijvoorbeeld het Radboud Writing Lab of de studietrainers. Maar ook degenen die weinig problemen ondervinden, zeggen de persoonlijke aandacht te waarderen. Én zij weten de studieadviseur gemakkelijker te vinden mochten ze nog vragen hebben of alsnog tegen problemen aanlopen.

Naast deze opvolgmailing is er wekelijks een scriptiespreekuur dat de studenten goed weten te vinden. Ook scriptiebegeleiders treden in overleg met deze studieadviseur bij signalering van problemen bij studenten. Op basis van een advies van de werkgroep “scriptietraject” is mede op basis van de bevindingen van deze studieadviseur inmiddels besloten tot invoering van een masterscriptietraject ‘nieuwe stijl’. Hierbij wordt het scriptietraject afgebakend in tijd en wordt er in de opzetfase gewerkt met groepsbijeenkomsten en peerfeedback, om het beter af te stemmen op de vernieuwde eindkwalificaties. Op dit moment loopt daartoe al een pilot bij een drietal vaksecties (Strafrecht, Ondernemingsrecht en Fiscaal recht). De pilot is in november van start gegaan en de eerste ervaringen zijn positief, zowel bij de studenten als de begeleiders. In het studiejaar 2022/2023 wordt dit voor alle masterstudenten ingevoerd. In het kader van de COVID-19 crisis heeft de faculteit daarnaast eind 2021 met het Radboud Writing Lab afspraken gemaakt voor een aantal zg. doorschrijfweken specifiek voor haar eigen scriptiestudenten. Het gaat dan onder meer om een gezamenlijke start op maandagochtend, gedurende de week contact met medestudenten in kleine groepjes om schrijfdoelen te stellen en te evalueren (deels onder begeleiding van een schrijfcoach van het Writing Lab) en om interactieve colleges over aspecten van academisch schrijven. Dit is met name bedoeld om masterstudenten die door de coronamaatregelen met hun studie in het slop dreigen te raken, te ondersteunen bij het succesvol afronden van hun opleiding.

In vervolg op de intensievere monitoring van masterstudenten is zowel in 2020 als in 2021 een additionele studie-adviseur voor bachelorstudenten aangesteld. Via actieve benadering van studenten zal ook hier ingezet worden op een intensievere en mogelijk meer proactieve en op de doelgroep toegesneden begeleiding. Dit betreft een uitbreiding van de initiële plannen. Tevens is een voorstel uitgewerkt om het mogelijk te gaan maken de bachelorthesis te schrijven bij andere vakken dan alleen Burgerlijk Recht. Deze curriculumwijziging ligt voor bij de medezeggenschapsorganen.

Tijdelijke additionele universitaire middelen (75 k€) ten behoeve van de begeleiding van internationale studenten zijn in 2018 komen te vervallen. In het kader van de kwaliteitsafspraken is besloten deze additionele

middelen te continueren en daarmee de eerder tijdelijke uitbreiding van de formatie te continueren.

COVID-19 leidde tot onderwijs-op-afstand en dit heeft de faculteit doen besluiten om in 2020 het studenttutoraat voor eerstejaarsstudenten in te voeren. Ouderejaarsstudenten begeleiden wekelijks een klein groepje eerstejaars studenten. Zij maken nieuwe eerstejaars in het eerste studiejaar wegwijs in de academische gemeenschap in het algemeen en hun studie aan de rechtenfaculteit in het bijzonder. Bovendien bereiden zij gezamenlijk het (online en fysiek) werkgroeponderwijs voor. De faculteit biedt hiermee de eerstejaars een sociale structuur die het leggen van verbinding met (enkele) studiegenoten bevordert. De ouderejaars tutoren worden ook zelf wekelijks gecoacht door een UHD en een studie-adviseur. Daarmee is het tutoraat ook een gelegenheid voor de faculteit om een groep van zo’n 60 gemotiveerde en getalenteerde ouderejaars studenten een vormende en leerzame ervaring te bieden. Vanwege de positieve ervaringen van studenten en docenten is het tutoraat in 2021 gecontinueerd en zal dat ook in 2022/2023 het geval zijn. Een en ander werd bekostigd uit de coronagelden en de komende periode uit de NPO-middelen. Bezien wordt of er mogelijkheden zijn om dit na 2023 anderszins uit de facultaire begroting te bekostigen.

In 2022/2023 wordt het eerstejaars vak “Academische Vaardigheden” doorgelicht.

Acties

Begroot

Gerealiseerd

Additionele studie-adviseur masterfase

80

121

Addtionele studie-adviseurs bachelorfase

0

232

Continuering intensivering begeleiding internationale studenten

225

198

 

Docent academische vaardigheden

180

127

TOTAAL

485

679

Thema 4: Onderwijsdifferentiatie

De faculteit beoogt onderwijs aan te bieden voor gemotiveerde en getalenteerde studenten in alle fasen van de opleiding. Voor een deel van de studenten is er naast de reguliere opleiding nog ruimte voor aanvullende activiteiten en verdieping. Doel van de faculteit is om met het Law Talents Programma in alle fases van het onderwijs (van pre-universiteit tot en met masteropleiding) een aanvullend aanbod voor de studenten te hebben. Eerder ontwikkeld waren Law Extra, de onderzoekmaster, de duale master en het Pre-university College. In het kader van de kwaliteitsafspraken is het talentenprogramma verbreed met het propedeuseprogramma en met het programma Law in Action. Zij-instroom in de diverse programma’s is mogelijk.

In 2020 is in aanvulling op de reeds beschikbaar gestelde middelen ten behoeve van de ondersteuning van de ontwikkeling van deze programma’s additioneel capaciteit op het niveau van een UD (0,4) beschikbaar gesteld.

Tevens is ten behoeve van de ontwikkeling van een internationale Law Clinic 0,6 UD gereserveerd. Door de COVID-19 omstandigheden zijn de oorspronkelijke plannen om hier met (in 2019 nog hiervoor bezochte) ASEAN-partners een initiatief te starten vooralsnog gewijzigd en omgezet in een pilot op het terrein van Mensenrechten met Europese partners. Hierbij worden niet alleen academische maar ook niet-gouvernementele organisaties betrokken.

Acties

Begroot

Gerealiseerd

Ondersteuning tbv uitbreiding talentenprogramma

120

62

UD Internationalisering

 

72

   

TOTAAL

120

134

Thema 5: Passende en goede onderwijsfaciliteiten

Ter facilitering van de docerende staf bij het breder inzetten van ICT in onderwijs is additionele ondersteunende staf aangesteld en is tijdelijke ondersteunende staf omgezet in structurele staf. Dit is gebeurd volgens planning.

Deze staf wordt ingezet voor ondersteuning bij het vervaardigen van kennisclips, het gebruik van de elektronische leeromgeving en digitaal toetsen. In de periode 2019-2021 zijn 125 kennisclips, 250 Grotiusclips, 4 webinars, en 1 podcast vervaardigd. Kennisclips worden inmiddels ook weer geactualiseerd en aangepast dan wel opnieuw vervaardigd.

Voor het vervaardigen van kennisclips beschikt de faculteit inmiddels over ondersteunende staf die verantwoordelijk is voor de productie van de kennisclips, zowel de technische vervaardiging als de voorbereiding van script e.d. Tijdens de coronaperiode is daarnaast een provisorische studio ingericht op de campus waar docenten met eenvoudiger middelen en beperkter ondersteuning digitale colleges konden opnemen. Hiervoor zijn extra studentassistenten aangesteld. Deze lasten zijn niet in de verslaglegging betrokken.

In de werkgroep ICT en onderwijs (een werkgroep met docenten en ondersteuners) is een actieplan ICT-in- onderwijs opgesteld. De combinatie van onderwijsinhoudelijke inbreng vanuit de wetenschappelijke staf en de advisering over de praktische uitvoeringsmodaliteit en ICT-ontwikkelingen door de ondersteunende staf zorgt voor gezamenlijk gedragen en realistische plannen. De gemaakte keuzes sluiten aan op prioriteiten die anderszins in het onderwijs worden gesteld (bv. gebruik van (geautomatiseerde) rubrics in het kader van de versterking van het onderdeel feedback in de beoordeling,

Afgezien van mondelinge tentamens (die passen in het onderwijsconcept, meer in het bijzonder de mondelinge vaardighedenleerlijn) is het streven om alle tentamens digitaal af te nemen. Door COVID-19 is hiervoor in eerste instantie gebruikt gemaakt van Brightspace, de elektronische leeromgeving. Dit is geen op digitale toetsing toegesneden instrument maar vanwege het ontbreken van proctoring in de eerste fase van de crisis is door complexe inrichting van toetsen en dankzij veel extra inspanning van de docerende staf (meervoudige tentamenvragen) de tentaminering (waarbij studenten thuis waren) gecontinueerd kunnen worden. Tijdens de toetsing op de campus wordt Cirrus ingezet en de faculteit heeft alle voorheen schriftelijke tentamens aan het einde van het eerste halfjaar digitaal kunnen afnemen. De ondersteunende staf draagt zorg voor de training van de docenten voor het gebruik van dit instrument. Daarbij wordt overigens geconstateerd dat peer-to-peer instructie en -ondersteuning eveneens noodzakelijk is en leidt gebruik van een breder scala aan mogelijkheden van de beschikbare softwarepakketten. Ook in deze zin is de faculteit een lerende organisatie.

Zondagopenstelling bibliotheek in tentamenperiode

De openstelling van de juridische bibliotheek gedurende de tentamenperiodes op zaterdag en zondag is gerealiseerd. Dit was een uitdrukkelijke wens van de facultaire studentenraad. De facultaire bibliotheek is een gewilde studieplek. Vanwege COVID-19 is in 2020 en 2021 door minder studenten van deze ruimte gebruik gemaakt kunnen worden dan gewenst maar waar er mogelijkheden waren, werden deze ten volle benut. Door gewijzigde zeggenschap over de studentwerkplekken en de bibliotheek (en de overheveling van middelen hiervoor) wordt de opening van de bibliotheek in het gebouw van de Rechtenfaculteit sinds 2021 bepaald op universitair niveau.

Acties

Begroot

Gerealiseerd

Aanstelling ondersteunende staf ICT

434

545

Zondagopenstelling Bibliotheek

60

61

TOTAAL

494

606

Thema 6: Verdere professionalisering van docenten

Permanente educatie docenten:

Docentprofessionalisering staat voor de faculteit in het teken van de onderwijsintensivering en onderwijsinnovatie en de implementatie van de nieuwe onderwijsvisie. Vanuit de juridische professie en met name de advocatuur is de figuur van het behalen van opleidingspunten een bekend fenomeen voor de faculteit. Het facultaire beleid dat docenten jaarlijks 20 opleidingspunten dienen te behalen op niet juridisch terrein is daardoor geïnspireerd.

Daarnaast kent de faculteit een groot aantal juniordocenten en promovendi die naast hun onderwijs een proefschrift voorbereiden. Zij worden tevens in staat gesteld BKO-certificaten te halen. Bij een omvang van ca. 200 fte wp is met 20 opleidingspunten ca. 4000 uur gemoeid. Ca, 75% van de PE-punten betreft onderwijs. Gekapitaliseerd betreft dit ca. 200 k€. Tevens worden middelen uitgetrokken voor de trainingsactiviteiten zelf. Voor deze trainingen wordt geput uit een grote catalogus aan trainingen die via de Radboud Universiteit wordt aangeboden. Daarnaast worden lunchbijeenkomsten georganiseerd waarin via peer-to-peer uitwisseling over onderwijsideeën en -tools plaats vindt. In 2019 en 2020 zijn facultaire onderwijsdagen georganiseerd. In 2021 is deze vanwege COVID-19 niet georganiseerd maar hervatting hiervan is weer voorzien.

Tenslotte heeft een aantal vaksecties inmiddels met inschakeling van externe deskundigen trainingsdagen/middagen georganiseerd voor de eigen docerende staf.

Door de coronaperiode betreft veel van deze trainingen vaardigheden die nodig zijn voor digitaal onderwijs. Het aantal fysieke bijeenkomsten in 2020 en 2021 gering geweest.

De faculteit is voornemens om in de periode 2022-2024 naast het reeds ruime palet van trainingen dat beschikbaar is en de facultaire onderwijsdag, specifieke trainingen te laten verzorgen die afgestemd zijn op de onderwijskundige verbeteragenda van de faculteit. Een plan hiervoor wordt in 2022 voorbereid. Dit vervangt de ontwikkeling van een meer algemene opleidingscatalogus die inmiddels universitair wordt aangeboden (met name ook via het Teaching and Learning Centre). Met twee voor één dag per week bij het Teaching en Learning Centre aangestelde docenten alsmede één van de bij de Rechtenfaculteit in dienst zijnde innovatiemedewerker van ditzelfde centrum is de faculteit tevens goed aangesloten op ontwikkelingen die zich op het terrein van onderwijsinnovaties elders binnen en buiten de Radboud Universiteit afspelen.

Acties

Begroot

Gerealiseerd

20 PE ieder wp-lid

600

538

cursuskosten

300

201

   

TOTAAL

900

738

Toelichting proces totstandkoming en betrokkenheid medezeggenschap

De terbeschikkingstelling van gelden via kwaliteitsafspraken wordt binnen de Faculteit der Rechtsgeleerdheid zeer geapprecieerd, omdat in de faculteit breed de overtuiging wordt gedragen dat deze middelen cruciaal zijn geweest en nog zullen blijven voor de uitvoering van een daadwerkelijke vernieuwing en verbetering van het onderwijs. De kwaliteitsafspraken sluiten dan ook nauw aan op en dragen bij aan de in 2018 vastgestelde onderwijsvisie “Meer Meester”. Bij de totstandkoming van een en ander zijn alle relevante gremia betrokken. Binnen die gremia bestaat een brede en duurzame steun voor de koers die de faculteit dankzij de gelden heeft kunnen inzetten.

Een facultaire werkgroep onder voorzitterschap van mw. prof.mr. J.B. Spath heeft de conceptvisie opgesteld. De conceptvisie is vervolgens besproken met de vaksectievoorzitters en met de voorzitter van de kwaliteitscommissie. Daarmee samenhangend is het thema “De jurist van de toekomst” uitgebreid besproken met de externe Wetenschappelijke adviesraad alsmede de externe Raad van Advies voor de Rechtspraktijk (beide permanente adviesraden voor het facultaire initiële onderwijs). In plenaire zittingen in de faculteit is de conceptvisie besproken met zowel docenten en ondersteuners als met studenten. Tevens is de visie besproken met de kwaliteitscommissie, de facultaire opleidingscommissie en de facultaire medezeggenschap. Een en ander heeft uiteindelijk geleid tot vaststelling van de onderwijsvisie op 24 oktober 2018.

Vooruitlopend op de vaststelling van de kwaliteitsafspraken werden studievoorschotmiddelen reeds ingezet voor ICT en Onderwijs. Een beperkt deel van de middelen voor ICT en Onderwijs werden in 2017 tijdelijk door het CvB ter beschikking gesteld. Om de gewenste investeringen in docerende staf breed over de faculteit te kunnen realiseren, is destijds vanuit facultaire SV-middelen de daarvoor benodigde aanvulling ter beschikking gesteld. De besteding van de universitair beschikbaar gestelde middelen alsmede de extra eigen investering s destijds met de OC en FSR besproken en ook in een gezamenlijk brief als zodanig bij het CvB aangemeld. De geraadpleegde gremia hebben de voorstellen steeds gesteund.

De wijzigingen voor studiebegeleiding zijn begin 2018 afgestemd met de FSR.

De conceptkwaliteitsafspraken zijn in de tweede helft van 2018 als onderdeel van de facultaire begroting 2019 besproken met de opleidingscommissie, facultaire studentenraad en de onderdeelcommissie. De geraadpleegde gremia waren positief over de conceptkwaliteitsafspraken.

De kwaliteitsafspraken zijn in het kader van de begroting 2020 en 2021 geagendeerd voor de opleidingscommissie, de facultaire studentenraad en de onderdeelcommissie. De geraadpleegde gremia hebben steeds hun steun voor de kwaliteitsafspraken uitgesproken.

De verschillende inhoudelijke wijzigingen van (de eindtermen van) het onderwijsprogramma, de masterscriptie, de bachelorscriptie, de nieuwe inrichting van Ba-vakken en nieuwe Ma-vakken zijn besproken n de opleidingscommissie, de facultaire studentenraad en onderdeelcommissie.

Daarnaast worden alle wijzigingen op het terrein van internationalisering in het onderwijs besproken (dan wel voorgesteld door) het RICOL (Radboud International College of Law), de vaste adviesraad voor internationalisering van het onderwijs. Voor de wijziging van de eindtermen is het bestuur geadviseerd door de Commissie Kwaliteitszorg. De ICT-commissie adviseert over de prioritering van de inzet van ICT-middelen n het onderwijs.

Wijzigingsvoorstellen van het onderwijs en de onderwijsuitvoering doorlopen vervolgens de gebruikelijke procedure van medezeggenschap.

Ieder jaar worden in augustus/september vóór de begrotingsbespreking de nieuwe leden van de facultaire studentenraad en onderdeelcommissie bijgepraat over het kwaliteitsafsprakentraject tot dan toe en de eventuele mogelijkheden voor nieuwe investeringen. In januari/februari wordt de facultaire studentenraad geïnformeerd op formatieplaatsniveau van de stand van zaken van de investeringen in het afgelopen kalenderjaar.

Zelfstandige reflectie medezeggenschap

De kwaliteitsafspraken hebben het onderwijs aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit een heel duidelijke kwaliteitsimpuls gegeven. Vanaf het begin is er breed in de faculteit gewerkt aan een gezamenlijk plan. De kwaliteitsafspraken vielen samen met het reeds ingezette project om een nieuwe visie op het onderwijs op te stellen; de kwaliteitsafspraken vormen een deel van de implementatie van die visie. De onderwijsvisie werd opgesteld door een brede projectgroep en bij het vaststellen ervan is input opgehaald bij verschillende gremia, zoals de Opleidingscommissie, de Kwaliteitscommissie en de externe adviesraden. Facultaire gremia die over onderwijs gaan, hebben altijd een student-lid. Vervolgens is de onderwijsvisie - voorzien van deze adviezen - voorgelegd aan de FGV. In september 2018 zijn in dezelfde vergadering zowel de plannen voor de kwaliteitsgelden als de eerste versie van de onderwijsvisie voorgelegd. In de volgende vergadering is de definitieve versie van de onderwijsvisie besproken en geaccordeerd. Omstreeks dezelfde tijd zijn de kwaliteitsafspraken gezamenlijk door faculteitsbestuur en FGV ingediend.

Ten behoeve van een goede implementatie van de gewenste onderwijsverbeteringen aan de hand van de onderwijsvisie en de daarmee samenhangende kwaliteitsafspraken zijn binnen de faculteit speciale personeels- en studentenbijeenkomsten georganiseerd. Daarbij kon iedereen die wilde (plenair) reageren. Vanuit de medezeggenschap waren wij ruim vertegenwoordigd bij deze bijeenkomsten, zowel om input te geven als om te luisteren naar de vragen die er vanuit de organisatie kwamen. Op deze manier zaten faculteitsbestuur, medezeggenschap en de rest van de organisatie steeds ‘op dezelfde bladzijde’. Gedurende de verdere uitrol van de kwaliteitsafspraken en de nieuwe onderwijsvisie is de FGV steeds goed aangehaakt gebleven. Op vragen en commentaar van de FGV is goed gereageerd door het bestuur, en het bestuur heeft naar tevredenheid commentaar verwerkt en waar nodig plannen aangepast. Op knelpunten die de medezeggenschap signaleerde – zoals dat de grote toename van studenten aantallen in deze periode de gewenste kleinschaligheid onder druk zette – is goed en met instemming van de FGV geacteerd. Dit – gecombineerd met de korte lijnen die onze faculteit kent - heeft opgeleverd dat de onderwijsvernieuwingen breed gedragen worden door studenten en personeel.

Vanaf 2019 zijn de plannen geleidelijk geïmplementeerd. De kwaliteitsafspraken zijn sindsdien een terugkerend onderwerp geweest bij de FGV. Met regelmaat worden de voorzitters van de FSR en de OC door de directeur bedrijfsvoering over o.a. dit onderwerp bijgepraat. De kwaliteitsafspraken zijn onderdeel van de begrotings- en verslagleggingscyclus. Daarbij is aan de FGV een helder overzicht van de voortgang van de afspraken ter instemming voorgelegd. Ook is de FGV geïnformeerd over het adviesrapport planbeoordeling kwaliteitsafspraken van de NVAO. Bij al deze momenten is de voortgang naar tevredenheid van de FGV besproken. De medezeggenschap is ook goed aangehaakt bij alle projecten die samenhingen met de kwaliteitsslag die er in het onderwijs wordt gemaakt, zoals het masterscriptietraject, de eindkwalificaties en het tutoraat ten tijde van de coronacrisis.

Kortom: de FGV vindt dat zij goed betrokken is geweest bij het opstellen en uitvoeren van de kwaliteitsafspraken en de onderwijsvisie, en hecht er aan op te merken dat zij achter de inhoud van beide documenten staat. De FGV is van mening dat de kwaliteitsgelden een heel mooie impuls hebben gegeven aan de kwaliteitsverbetering van het onderwijs aan onze faculteit en is tevreden over de wijze waarop de gelden zijn ingezet en de wijze waarop de medezeggenschap en andere gremia in de faculteit bij totstandkoming en uitvoering zijn betrokken.

Prof. F.G. Laagland
 Dhr. T. Loeffen