Ga naar website navigation Ga naar artikel navigatie Ga naar inhoud

4. Toelichting algemeen

Rechtspersoon

Per 1 januari 2021 is de Stichting Radboud universitair medisch centrum afgesplitst van Stichting Katholieke Universiteit. Het doel van de afgesplitste stichting is het bevorderen van de instandhouding van het universitair medisch centrum. De activiteiten van de Radboud Universiteit worden gecontinueerd in de Stichting Katholieke Universiteit. Per 7 mei 2021 is de naam Stichting Katholieke Universiteit veranderd in stichting Radboud Universiteit (hierna Radboud Universiteit).

Het College van Bestuur blijft ook in de nieuwe structuur verantwoordelijk voor de Faculteit der Medische wetenschappen; ongewijzigd is dat de algemene leiding van de faculteit door het college is opgedragen aan de raad van bestuur van stichting Radboudumc, terwijl de decaan, overeenkomstig de reglementen van de universiteit, het bestuur voert over de faculteit en daarbij zorg draagt voor onderwijs, onderzoek en de inrichting van de examens. Besluiten daaromtrent neemt de decaan in overeenstemming met overige leden van de raad van bestuur.

De Radboud Universiteit  is een onderwijsinstelling op grond van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en stelt op basis van die wet een eigen jaarverslag op.

De activiteiten van de Radboud Universiteit betreffen:

  • Het verzorgen van wetenschappelijk onderwijs.

  • Het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek.

  • Het exploiteren van hieraan gerelateerde studentenvoorzieningen en -faciliteiten.

  • Het zorg dragen voor impact (maatschappelijke dienstverlening) van onderwijs en onderzoek.

De Radboud Universiteit is gevestigd te Houtlaan 4, 6525 XZ Nijmegen. KvK-nummer: 41055629.

Jaarrekeningregels

De enkelvoudige en de geconsolideerde jaarrekening zijn opgesteld in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Volgens deze regeling is Titel 9 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing voor de jaarverslaggeving, met uitzondering van de afdelingen 1, 11, 12 en 13, een en ander voor zover in deze regeling niet anders is bepaald.

De algemene waarderingsgrondslag betreft de geamortiseerde kostprijs. Deze is veelal gelijk aan de nominale waarde tenzij anders is vermeld. De bedragen in de jaarrekening zijn opgenomen in duizenden euro’s tenzij anders is aangegeven. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar.

Bij toepassing van de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening vormt de leiding van
de universiteit zich verschillende oordelen en schattingen die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de desbetreffende jaarrekeningposten.

In de balans, de winst-en-verliesrekening en het kasstroomoverzicht zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de toelichting.

De universiteit heeft beoordeeld of de ontwikkelingen in de coronacrisis gevolgen hebben voor de continuïteitsveronderstelling. De universiteit heeft geconstateerd dat er sprake is van een onzekerheid waarvan de omvang nog niet in te schatten is. Maar er is gezien de verwachte ontwikkelingen in de liquiditeitspositie en de lumpsum overheidsbijdragen geen materiële onzekerheid omtrent de continuïteit van de universiteit als geheel.

Financiële instrumenten

Algemeen

De universiteit maakt in de normale bedrijfsuitoefening op prudente wijze gebruik van uiteenlopende financiële instrumenten, zoals bijvoorbeeld vorderingen, schulden en leningen. Om deze risico’s te beheersen heeft de universiteit beleid en procedures opgesteld om de risico’s van ongunstige ontwikkelingen en daarmee de invloed op de financiële prestaties van de universiteit te beperken.

Kredietrisico

De universiteit loopt kredietrisico over leningen en vorderingen opgenomen onder financiële vaste activa, handels- en overige vorderingen en liquide middelen. Het kredietrisico dat de universiteit loopt, concentreert zich voornamelijk  op bestaande debiteuren en nog te factureren bedragen. Met de meeste tegenpartijen bestaat een lange relatie; zij hebben tot nu toe tijdig aan hun betalingsverplichtingen voldaan.

De blootstelling aan kredietrisico van de universiteit wordt hoofdzakelijk bepaald door de individuele kenmerken van de afzonderlijke afnemers. Met het merendeel van de afnemers wordt al meerdere jaren zaken gedaan en er is slechts in incidentele gevallen sprake geweest van verliezen.

Renterisico en kasstroomrisico

De Radboud Universiteit loopt renterisico over de rentedragende vorderingen. Voor vorderingen loopt de Radboud Universiteit risico ten aanzien van toekomstige kasstromen en met betrekking tot vast rentende leningen reële waarde risico. De Radboud Universiteit maakt geen gebruik van rentederivaten.

Valutarisico

Als gevolg van de internationale activiteiten loopt de universiteit uit hoofde van in de balans opgenomen schulden een beperkt valutarisico.

Liquiditeitsrisico

De universiteit bewaakt de liquiditeitspositie door middel van opvolgende liquiditeitsbegrotingen en -rapportages. Het management ziet erop toe dat voor de universiteit steeds voldoende liquiditeiten beschikbaar zijn om aan de verplichtingen te kunnen voldoen.

Reële waarde

De reële waarde van in de balans opgenomen financiële instrumenten, verantwoord onder liquide middelen, kortlopende vorderingen en schulden e.d. benadert de boekwaarde daarvan.