Ga naar website navigation Ga naar artikel navigatie Ga naar inhoud

5.9 Kortlopende schulden

bedragen x € 1.000,-

  
 

31-12-2021

31-12-2020

Onderhanden projecten

69.327

59.437

Voorziening tekorten op projecten

2.717

3.837

Saldo onderhanden projecten

72.044

63.273

Schulden aan gelieerde ondernemingen

98

0

Te betalen partners coördinatieprojecten

21.491

22.107

Crediteuren

10.013

5.674

Omzetbelasting

1.733

452

Loonheffing

20

-6

Premies sociale verzekeringen

21

3

Schulden aan belastingen

1.774

448

Schulden aan pensioenpremies

0

-1

Overige kortlopende schulden

13.255

9.894

Vakantiegeld en -dagen

27.964

26.327

Vooruitontvangen doelsubsidies oc&w

5.119

334

Vooruitontvangen college- en lesgelden

13.997

20.922

Vooruitontvangen termijnen

15.665

14.191

Overlopende passiva

62.744

61.774

Totaal Kortlopende schulden

181.419

163.171

Saldo onderhanden projecten (exclusief voorzieningen)

bedragen x € 1000,-

 

31-12-2021

  

31-12-2020

 
 

Onderhanden projecten

Gedeclareerde termijnen

Saldo

Onderhanden projecten

Gedeclareerde termijnen

Saldo

Onderhanden projecten > termijnen

-89.430

79.899

-9.531

-83.677

73.955

-9.721

Onderhanden projecten < termijnen

-139.831

218.689

78.858

-115.947

185.105

69.158

Totaal

-229.261

298.588

69.327

-199.624

259.061

59.437

Het saldo onderhanden projecten betreft de directe en indirecte kosten van lopende en nog niet afgesloten projecten. Gedeclareerde termijnen zijn hierop in mindering gebracht. Per saldo resteert dan ruim € 69,3 miljoen meer ontvangen dan uitgegeven, hetgeen een behoorlijk positief effect op de liquiditeit per 31 december 2021 heeft. Ook de schuld ad €21,5 miljoen inzake te betalen coördinatieprojecten draagt hier aan bij.

  • Te betalen partners coördinatieprojecten

Als de universiteit penvoerder is van onderzoeksprojecten in consortiumverband worden de vooruit ontvangen subsidiebedragen naar rato van de projectuitvoering doorbetaald aan andere partners, veelal andere universiteiten. Deze bedragen lopen niet via de resultatenrekening.

  • Crediteuren

De crediteuren stijgen sterk  vooral door een grote factuur betreffende een onderzoeksproject ad € 2 miljoen d.d. 31-12-2021 en de met ingang van 2021  verantwoorde verplichtingen inzake in 2022 gefactureerde (maar eerder geleverde inventaris (€  0,5 miljoen).

  • Doelsubsidies OCW

De specificatie is als volgt:

bedragen x € 1000,-

  

Doelsubsidies

31-12-2021

31-12-2020

Begeleiding Startende Leraren 2013-2017

222

222

Professionele Leergemeenschappen 2013-2017

61

61

Regionale aanpak lerarentekort 75805

39

51

Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen Radboudunos Universitaire opleidingsschool

354

0

NPO middelen

4.444

0

Totaal

5.120

334

De toename wordt vooral veroorzaakt doordat de toegekende Nationaal Programma Onderwijs (NPO) middelen voor onderwijs en onderzoek dit jaar niet besteed konden worden.  In het jaarverslag is dit verder toegelicht.  

Model G

G1 Verantwoording van subsidies, waarvan het eventuele overschot wordt toegevoegd aan de lumpsum:

Omschrijving

toewijzing

 

De activiteiten zijn ultimo verslagjaar conform de subsidiebeschikking geheel uitgevoerd en afgerond

 

kenmerk

datum

 

Regionale aanpak lerarentekort

RAL 19050

13 september 2019

Nee

Tegemoetkoming kosten opleidingsscholen Radboudunos Universitaire opleidingsschool

OS-2020-C-006

30 november 2020

Nee

Extra hulp voor de klas

COHO21-20022

7 oktober 2021

Ja

G2A Verantwoording van subsidies, die volledig aan het doel moeten worden besteed met verrekening van eventueel overschot (aflopend)

bedragen x € 1.000,-

        
 

Toewijzing

Bedrag van de toewijzing

Ontvangen t/m vorig verslagjaar

Totale subsidiabele kosten t/m vorig verslagjaar

Saldo per 1 januari verslagjaar

Ontvangen in verslagjaar

Subsidiabele kosten in verslagjaar

Saldo per 31 december verslagjaar

bedragen x € 1.000

kenmerk

datum

       

Begeleiding startende leraren/

BSL 2013 019/

3 december 2012

930

1.540

1.318

222

0

0

222

Professionele leergemeenschappen

PLG 2013 019

2 december 2012

400

400

339

61

0

0

61

Subsidieregeling coronabanen in het hoger onderwijs

COHO 210037

13 april 2021

595

0

0

0

595

595

0

Totaal

  

1.925

1.940

1.657

283

595

595

283

Het Ministerie van OC&W stelt middelen beschikbaar voor tijdelijke coronabanen in ondersteunende functies in het hoger onderwijs. Hiermee kan het onderwijs doorgaan, zodat achterstanden zoveel mogelijk worden voorkomen en teruggedrongen. Daarnaast draagt het bij aan een lagere werkdruk onder het onderwijspersoneel.

De werkelijke kosten van de regeling Coronabanen zijn 606 k€. Deze middelen waren nuttig voor de universiteit en er is door alle eenheden ook gebruik van gemaakt.

G2B Verantwoording van subsidies, die volledig aan het doel moeten worden besteed met verrekening van eventueel overschot (doorlopend tot in een volgende verslagjaar)

bedragen x € 1000,-

      
 

Toewijzing

Bedrag van de toewijzing

Ontvangen t/m vorig verslagjaar

Totale subsidiabele kosten t/m vorig verslagjaar

Saldo per 1 januari verslagjaar

Ontvangen in verslagjaar

Subsidiabele kosten verslagjaar

Saldo per 31 december verslagjaar

 

kenmerk

datum

       

nvt

         

Totaal

  

0

0

0

0

0

0

0

  • Vooruit ontvangen college- en lesgelden

Deze dalen sterk door de verlaging van de collegegelden per 1 september 2021.

  • Vooruit ontvangen termijnen

Project Kennis Exploitatie Radboud Nijmegen

Via bijdragen van derden en een subsidieregeling van het ministerie van Economische Zaken is, in het kader van het project Kennis Exploitatie Radboud Nijmegen (KERN), een pre-seed fonds tot stand gekomen. Dit geoormerkte fonds is bestemd voor pre-seed leningen aan start-ups op technologie gebied.

Per balansdatum bedraagt het fonds € 0,6 miljoen. Tot en met 31 december 2021 zijn 41 leningdelen (totaalbedrag € 3,4 miljoen) verstrekt via de KERN-raad door de Rabobank aan de startende ondernemers. De openstaande hoofdsom bedraagt per balansdatum € 0,2 miljoen (4 leningdelen). De leningen hebben een looptijd van maximaal 8 jaar en de Radboud Universiteit staat garant voor het volledige bedrag. Het pre-seed fonds is per balansdatum toereikend om de openstaande hoofdsom te dekken.