Ga naar website navigation Ga naar artikel navigatie Ga naar inhoud

2. Duurzaamheid op de campus

Nieuw duurzaamheidsbeleid

In april heeft de universiteit, samen met het Radboudumc, het Gezamenlijk duurzaamheidsbeleid 2021-2025 vastgesteld, waarmee beide organisaties willen bijdragen aan de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. Het beleid stuurt onder meer aan op een gezondere, inclusieve, klimaatneutrale en circulaire campusomgeving. De maatregelen strekken zich uit over de bedrijfsvoering, het onderwijs, het onderzoek én de patiëntenzorg.

Het beleid biedt een kader om duurzaamheid te verzilveren binnen diverse onderdelen van de organisatie, bijvoorbeeld het plan duurzaamheid verder te integreren in het onderwijs. Verder zijn er plannen voor biodiversiteit en voor ons voedsel en dranken. Daarnaast hebben verschillende faculteiten hun eigen duurzaamheidsplannen.

Een terrein van duurzaamheid dat steeds meer aandacht krijgt is de ICT - denk aan de milieubelasting van de cloud: elke e-mail en elke zoekopdracht draagt bij aan CO2-uitstoot. De divisie Information & Library Services (ILS) heeft eind 2021 de eerste aanzet gegeven voor een duurzaamheidsplan, dat in 2022 verder vorm krijgt.

Verdere energiebesparing met hybride netwerk

Voor energiebesparing zijn drie paden uitgezet. Het eerste is de verdere uitbouw van het Hybride Energie Net. Dit jaar zijn enkele nieuwe gebouwen aangesloten op dit net, een volgende stap is de al eerder ingezette reductie op gasverbruik. De nieuwe aansluitingen zijn gerealiseerd in Mercator 1 en 2, het kassencomplex, Forum en Berchmanianum. De tweede weg betreft verdere energiebesparing – denk aan LED-verlichting, pompen, ventilatie, isolatie, lagetemperatuurverwarming en zonnepanelen. Als derde wordt aangestuurd op aanpassingen in de organisatie en op gedragsverandering.

Een van duurzaamheidsdoelstellingen kreeg in het voorjaar al handen en voeten, met de presentatie van het energiebeleid. Het rapport laat zien hoe de universiteit, tot 2024, werk maakt van energiebesparing en duurzame energie. De inzet is een voortzetting van jaarlijks vier procent energiebesparing, met het oog op een energieneutrale bedrijfsvoering in 2050: vanaf dat jaar wordt alle benodigde energie duurzaam op de campus opgewekt. De door het college van bestuur uitgesproken ambitie dit doel al tien jaar eerder te bereiken, is momenteel in onderzoek. De uitvoering van het energieprogramma vergt een investering van 18 miljoen euro tot 2024.

Duurzaam inkoopbeleid en duurzaam gedrag

Vanaf dit jaar onderwerpt de universiteit al haar inkopen aan een nieuwe toets, om zo in de hele productieketen van het aan te schaffen product de milieubelasting en sociale duurzaamheid mee te wegen. Zo is vastgelegd in het nieuwe beleid ‘Inkopen met Impact’. Dit maakt de tot nu toe verborgen belastingen van inkopen en gebruiksacties zichtbaar. Zo krijgen bijvoorbeeld aspecten als aanschaf in de regio, impact op het milieu of arbeidsomstandigheden in de keten een hoger gewicht bij de samenstelling van lunches en het aanbod in de restaurants. Inmiddels groeit ook het bewustzijn over een duurzamer onderzoekspraktijk. Zo zijn in 2021 bijvoorbeeld in de laboratoria van de bètafaculteit de oplosmiddelen op basis van olie vervangen door een duurzamer alternatief.

Onderzoek heeft uitgewezen dat een van de grootste categorieën in onze CO2-footprint op de campus samenhangt met vervoer (woon-werkverkeer, dienstreizen en vrachttransport). Daarom is in 2021 het plafond voor de aankoop van een fiets, al jaren gesubsidieerd met 1.000 euro – opgehoogd tot 1.500 euro, om de aanschaf van E-bikes aan te moedigen en ook mensen die verder weg wonen op de fiets naar het werk te krijgen.

Nu in 2021 het vliegverkeer weer toeneemt, is het in 2020 gelanceerde nieuwe vliegbeleid voor de campus breed onder de aandacht gebracht. In die communicatie nam hoogleraar Infectieziektes Teun Bousema een belangrijke rol. Bousema zet zich al een paar jaar in om het mondiaal congresbezoek in te dammen. Met een nauwkeurig onderzoek naar de vliegbelasting van twee congressen voert hij actie voor minder congressen, die immers jaar in jaar uit wereldwijd duizenden onderzoekers tot vliegreizen aanzet.

Het aansturen op ander gedrag van medewerkers en studenten – een van de pijlers onder het duurzaamheidsbeleid – kreeg onder meer aandacht in de in mei door Green Office georganiseerde Green Week. Die was noodgedwongen goeddeels online – de meesten werken en studeren immers thuis. Het thuiswerken vormde de aanleiding om het aansturen op gedragsverandering ook te richten op de thuiswerkplek. Voor dit doel ontvingen alle medewerkers een ‘thuiswerkcheck’.

Structureel dragen medewerkers bij aan duurzaamheidsontwikkelingen op de campus binnen het Radboud Sustainable Development Network. In 2021 gaf dit netwerk onder meer aandacht aan ‘true pricing’ en aan de vitalisering van de campus.

Circulariteit en biodiversiteit

Duurzaamheid heeft vele aanvliegroutes, één ervan is het bijdragen aan de circulaire economie. Programmadirecteur Duurzaamheid Marije Klomp benadrukt de velerlei invalshoeken. ‘Het níet aanschaffen van producten en diensten is ook een bijdrage aan duurzaamheid, en als aanschaf onvermijdelijk is, letten we steeds beter op het hergebruik.’

Circulariteit kreeg in 2021 handen en voeten met een hergebruik van alle meubilair in het te slopen Spinozagebouw (in 2021 gestart met de laagbouw). Ook werden uit deze sloop bouwelementen benut voor hergebruik bij de terreininrichting op de campus, bijvoorbeeld als trappartij. Ook bij de inrichting van het nieuw geopende Comeniusgebouw – de digitale toetsfaciliteit aan de gelijknamige laan – was circulariteit bij de inrichting het uitgangspunt.

In 2021 veranderde het groene gezicht van de campus aanzienlijk, met de voltooiing van de parkachtige omgeving rond het Maria Montessorigebouw, een enorme metamorfose van het vroegere beton van de Thomas van Aquinostraat. Marije Klomp noemt de benaming ‘van grijs naar groen’ achterhaald: de campus streeft niet zozeer naar meer groen, als wel naar meer biodiversiteit. ‘Groen kan heel saai en doods zijn, denk aan veel weilanden. Op de campus slaan we een tweeslag: meer groen én meer biodiversiteit.’ ​

‘Groen kan heel saai en doods zijn. Op de campus slaan we een tweeslag: meer groen én meer biodiversiteit.’

Marije Klomp, programmadirecteur Duurzaamheid